Zaden, zaaien en ontkiemen
Een zaadje is iets heel bijzonders. Het kan jaren blijven liggen zonder dat er iets gebeurt en als je het in de grond stopt gaat het opeens groeien. In een zaadje zit, piepklein, al een plantje verstopt. Ook zit er wat extra eten bij, want het kleine plantje kan pas zelf aan voedsel komen als het een worteltje en de eerste blaadjes heeft gemaakt.
Een boon bekijken
Leg maar eens een paar bruine bonen een nacht in het water. De volgende dag kun je makkelijk het bruine velletje eraf peuteren. Als je goed kijkt zie je een donker vlekje met witte stip in het velletje. Dat noemen we de navel. Hiermee zat het zaadje vast aan de peul waar het in groeide.
In die witte stip zit een piepklein gaatje, het poortje. Daardoor kan water de boon in komen. Zonder water gaat een zaadje niet groeien.
De boon valt makkelijk uit elkaar in twee helften, dat noemen we de zaadlobben. Hierin zit het reservevoedsel voor het jonge plantje. Nu wordt het echt speurwerk. Op een van de zaadlobben zie je een wittig v-vormpje, kun je dat vinden? Dat zijn de piepkleine blaadjes die al kant en klaar zijn, ze hoeven alleen maar te gaan groeien.
Een boon laten groeien
Nodig: doorzichtig potje, flinke prop watten, water, 2 of 3 bonen
Prop de watten in het potje en maak ze nat. Stop de bonen tegen de zijkant in de pot. Zet de pot op een warm en licht plekje.
Kijk elke dag wat er gebeurt.
Proefjes
Als je meer potjes met bonen maakt kun je proefjes doen om te zien wanneer je boon het beste groeit.
- Stop een paar bonen in droge watten.
- Zet een potje in de koelkast en een boven de verwarming.
- Zet twee potjes bonen naast elkaar op de vensterbank. Als ze allebei groene blaadjes hebben zet je er een in het donker.Bijvoorbeeld in een kast of je zet een doos over één potje heen.
Wanneer groeit je boon het beste?
